Onderzoekers van het LUMC, Erasmus MC en Oncode Institute hebben een nieuw vaccin ontwikkeld voor niet-kleincellige longkanker. Dit vaccin maakt kankercellen die eerder onzichtbaar waren weer herkenbaar voor het immuunsysteem. In de eerste klinische studie met 26 patiënten bleek het vaccin veilig en activeerde het bij meer dan 80 procent van de deelnemers een immuunrespons. Deze eerste resultaten, gepubliceerd in Nature Communications, bieden perspectief voor patiënten bij wie tumoren niet reageren op immunotherapie.
Dit resultaat is het gevolg van nauwe samenwerking tussen fundamentele en klinische onderzoekers, mogelijk gemaakt door het Clinical Proof-of-Concept-programma van Oncode Institute. Dit programma stelt onderzoekers in staat om nieuwe ideeën snel in een klinische setting te testen en het vaccin verder te ontwikkelen. Zo wordt de stap van lab naar patiënt versneld.
Een nieuwe strategie voor resistente tumoren
Immunotherapie kan zeer effectief zijn bij uitgezaaide niet-kleincellige longkanker, maar werkt niet bij alle patiënten. Sommige tumoren ontsnappen aan het immuunsysteem door signalen te verbergen die normaal gesproken een afweerreactie op gang brengen. Het nieuwe vaccin, ontwikkeld door Sjoerd van der Burg van het LUMC en Oncode Institute, speelt hierop in. Van der Burg en zijn collega Thorbald van Hall ontdekten dat deze ‘onzichtbare’ tumorcellen toch een specifiek kenmerk dragen: het eiwit TEIPP. Dit eiwit komt alleen voor op kankercellen die aan het immuunsysteem ontsnappen en niet op gezonde cellen.
Het vaccin traint het immuunsysteem om TEIPP te herkennen en maakt de verborgen tumorcellen zo weer zichtbaar. “Dit TEIPP-vaccin activeert het immuunsysteem om kankercellen te herkennen die het anders zou missen,” zegt promovendus Mitchell Emmers van Erasmus MC, die de klinische studie coördineerde onder leiding van Joachim Aerts.
Klinische resultaten en potentie
In de studie hadden patiënten alleen milde bijwerkingen, zoals pijn op de injectieplaats en griepachtige klachten. Bloedonderzoek liet zien dat TEIPP-specifieke T-cellen werden geactiveerd. Het is nog te vroeg om te zeggen of het vaccin de overleving verbetert, maar de eerste signalen zijn positief. Bij één patiënt werd al een duidelijke respons gezien.“Deze eerste resultaten laten zien dat we op de goede weg zijn,” zegt Van der Burg. “Dit vaccin kan mogelijk worden gecombineerd met bestaande immunotherapie om meer patiënten effectief te behandelen.”
Oncode’s Clinical Proof-of-Concept-programma
Dit onderzoek was een van de eerste projecten binnen het Clinical Proof-of-Concept-programma van Oncode Institute. Dit programma geeft onderzoekers de mogelijkheid om te testen of veelbelovende ontdekkingen uit het lab ook werken in vroege klinische studies. “Dankzij dit programma konden we snel stappen zetten,” zegt Van der Burg. “In het begin wisten we niet hoe het vaccin zich bij mensen zou gedragen. De flexibele opzet van Oncode gaf ons de ruimte om het te testen en waar nodig bij te sturen.”
Ook Aerts benadrukt het belang van de samenwerking. “Als clinicus heb je weinig tijd voor onderzoek. Door samen te werken met een translationeel onderzoeker zoals Sjoerd, en met steun van Oncode, konden we een wetenschappelijk idee omzetten in een klinische studie. Dat is complexer dan vaak wordt gedacht.” Dankzij deze aanpak kon het team de studie snel aanpassen toen er een klinisch effect zichtbaar werd. “We konden de studie uitbreiden en vrijwel direct starten met een combinatie met immunotherapie,” zegt Aerts. “Die snelheid zie je zelden in klinisch onderzoek.”
Wat is de volgende stap
Hoewel het CPoC-project formeel is afgerond, gaat het onderzoek door. De onderzoekers bereiden een vervolgstudie voor en onderzoeken de oprichting van een bedrijf om het vaccin verder te ontwikkelen. “We willen het momentum vasthouden,” zegt Van der Burg. “Het preklinische werk is bijna afgerond. Nu is het tijd om de volgende stap te zetten en ervoor te zorgen dat patiënten hiervan kunnen profiteren.”
Wat is niet-kleincellige longkanker
- Niet-kleincellige longkanker is de meest voorkomende vorm van longkanker. In 2024 kregen meer dan 10.000 mensen in Nederland deze diagnose.
- Ongeveer 20 procent van de patiënten leeft vijf jaar na de diagnose nog.
- Veel tumoren reageren niet op standaardbehandelingen, waaronder immunotherapie. Chemotherapie is vaak nog een optie, maar gaat gepaard met aanzienlijke bijwerkingen.